Haiti toont failliet van onze democratie

De aardbeving in Haiti doet veel mensen realiseren hoe betrekkelijk het leven is, op allerlei manieren. Een van de dingen die het voor mij weer eens duidelijk maakt, is hoe belachelijk de Nederlandse/Westerse hang naar een risicoloze samenleving is. Afschuiven van verantwoordelijkheid is de norm, en de politiek, media en maatschappij houden elkaar zo op een gênante wijze bezig.Stel je de volgende (fictieve!) situatie voor: ik rijdt door het rode stoplicht, en rijdt een toevallige voorbijganger hartstikke dood. De maatschappelijke/politieke discusie gaat dan als volgt:

– De Telegraaf kopt: Politie faalt: man doodgereden.

– Kamerleden van de PVV, GroenLinks, D66 en VVD roepen de ministers van Justitie, BZK en Verkeer naar de Kamer om vragen te stellen over hoe dit had kunnen gebeuren.

– Partijen roepen op om het ontwerp van stoplichten weer eens goed te bestuderen, om te kijken of er geen ontwerpfouten in geslopen zijn. Zeker na de Irak-affaire is alle ‘kennis van toen’ verdacht, en moet worden herijkt.

– De ministers van Justitie en Verkeer kondigen een maatregel aan waarbij auto’s van bestuurders uit bepaalde risicogroepen tijdens ritten met een verhoogd risico alleen nog maar mogen worden bestuurd door gecertificeerde, door de overheid aangestelde bestuurders.

– Maar daar blijft het niet bij: ook de auto-industrie wordt gevraagd middels een gedragscode de veiligheidseisen voor auto’s verder aan te scherpen. Ook hier geldt dat ‘de kennis van toen’ niet meer afdoende excuus is voor het maken van ontwerpbesluiten.

– Ik wordt veroordeeld tot 4 maanden cel, en ontzegging van de rijbevoegdheid voor een jaar. In hoger beroep wordt dat verkort tot een half jaar, en zit mijn straftijd er al op.

Dit fictieve voorbeeld lijkt belachelijk, maar toch zien we dit steeds vaker om ons heen gebeuren.

– Een meisje wordt dood gevonden aan de Maas. Jeugdzorg heeft gefaalt, de kamer stelt allemaal vragen, en er komt een grote operatie om herhaling te voorkomen. En de ouders dan?

– Vandaag de dag wordt er een parlementair onderzoek naar de (wereldwijde!) financiële en economische crisis gedaan. De bankiers hebben gigantische risico’s genomen, en daar hebben zij pervers veel geld mee verdiend. Dus wat doen de Kamerleden? Die roepen om het vertrek van de president van de Nederlandse Bank. Want die heeft gefaald in haar toezichthoudende taak. En de oud-ministers moeten zich verantwoorden, en IJsland moet al het geld terugbetalen wat een van haar failliete banken nog terug moet betalen -waardoor dat land praktisch failliet is, de komende 5 jaar.

Zodra er iets fout gaat, wordt er naar de overheid gekeken hoe die zo stom heeft kunnen zijn om dit te laten gebeuren. Daar betalen we toch belastinggeld voor? zo lijkt de redenatie. Maar niets is minder waar.

De maatschappij heeft een grote mate van eigen verantwoordelijkheid. De overheid is er primair om de maatschappij in staat te stellen om als collectief te functioneren. Kort gezegd, om samen leven mogelijk te maken. Daar zijn regels voor nodig, maar dat zijn de huisregels van de Nederlandse samenleving.

Overigens is er nog een groot misverstand, en dat is dat ‘het Nederlandse volk’ hetzelfde is als de ‘Nederlandse samenleving’. En dat heeft alles te maken met het vorige punt. Want de wens van het volk is dat wat ik, en veel andere met mij, graag willen. Zoals minder bureaucratie. Zoals veiligheid en zekerheid. Ik wil helemaal geen bouwvergunning, ik wil gewoon die uitbouw aan mijn huis laten bouwen. En zo zijn er veel meer mensen die dat zo willen. Maar ik wil wél dat mijn buurman en buurvrouw aan regels gebonden zijn, zodat zij niet een hoge schuur in hun tuin zetten waardoor ik ’s avonds geen zon meer in de tuin krijg! En precies dát is het verschil tussen het individuele belang en het algemene belang. En een overheid is er primair voor het algemene belang, de spelregels, normen en waarden die de maatschappij in staat stelt als samenleving te functioneren.

En daar gaat het Nederlandse democratische systeem ook de mist in. Dat is gestoeld op gekozen volksvertegenwoordigers. En toen het systeem bedacht werd, had ‘het volk’ geen individueel belang, en hoefden de vertegenwoordigers niet al die individuele belangen te behartigen. Vroeger waren de belangen georganiseerd in zuilen, en werden de parlementariërs daar aan gehouden. Als kiezer had je dan ook het vertrouwen dat het belang dat jij steunde (jouw thuiszuil, zeg maar), in de Kamer behartigd werd.
Tegenwoordig zijn de belangen niet meer georganiseerd, en spreken we van een kloof tussen burger en politiek. Die kloof is er altijd geweest. Er was een politiek/bestuurlijke én een maatschappelijke elite die vertrouwd werd om de belangen te behartigen. Nu is iedereen ‘van belang’, en moeten de politieke partijen vechten voor hun achterban. Dus steeds vaker zie je binnen de partijen strijd en verdeling, zie je één-issue partijen ontstaan, en komen gigantische bewegingen op (wie kan zich de LPF met 20 zetels nog herinneren?), en zijn ze zo weer weg (TON, iemand?). Het is niet de politiek die failliet is, alhoewel ze wel een stelsel besturen dat niet meer van deze tijd is. Het is de democratie die failliet is. Omdat er nooit een systeem ontworpen is waarin ieder zijn stem even zwaar telt, en elk individueel belang vertegenwoordigd moet worden.

Wat de ramp in Haiti duidelijk maakt is dat een risico-loze samenleving onmogelijk is. En dat iedereen weer eigen verantwoordelijkheid moet nemen, en de consequenties van zijn of haar daden moet accepteren. Zowel de slechte daden, als de goede. De goede daden vragen respect, de slechte vragen consequente straf. Dat zijn de basisregels van een samenleving. Waarin we samen met elkaar leven, en er iets moois van maken.

2 gedachten over “Haiti toont failliet van onze democratie”

  1. “Democratie bestaat dankzij de zwijgende meerderheid”, zo is mij op de middelbare school geleerd (ik ben nu 55 jaar)! “Deze meerderheid staat ver van de politiek en gaat niet stemmen, en dat is maar goed ook”, zo werd mij toen verteld door de docent geschiedenis, “want dan zou er binnen de kortste keren, alle buitenlanders het land uit worden gezet, of de doodstraf weer worden ingevoerd, of alle pedofielen worden gecastreerd”. Deze zwijgende meerderheid heeft nu een ‘stem’ gekregen via die ‘one-issue’ partijen. De vraag blijft: Voor hoe lang? Want de onderwerpen die deze partijen behartigen verouderen met een zelfde snelheid als dat ze opkomen. Als politicus kun je oor te luister leggen bij ‘het volk’ of je eigen hersenen gebruiken en met goede voorstellen voor de problemen komen.

Geef een reactie